Productief & Efficiënt / Zelfinzicht

Ontdek je energievreters en pak ze goed aan

Energielekken - blog door Eefficiënter

Hou je vaak een stukje dag over aan het einde van je energie? Dan kan het zijn dat je (teveel) last hebt van energievreters. Ik schreef in een eerdere blog al dat als je productief én in balans wilt blijven, het belangrijk is om aan energiemanagement te doen.

En een belangrijk deel daarvan is weten wat je energielekken zijn en hoe je ze aanpakt. Energielekken zijn energievreters waar je veel energie door verspilt. Het zijn acties, activiteiten of zelfs personen die je niks opleveren, maar die wel veel energie kosten. En als je al beperkt bent in je hoeveelheid energie dan is dit een belangrijk punt om aan te pakken.

Herken je deze?

Je hebt dingen die je tijdelijk extra energie kosten en die niet zo’n probleem zijn. Denk bijvoorbeeld aan een verhuizing, een kortdurend project of een klus in huis. Het is tijdelijk een belasting, maar er zit ook een einddatum aan en daarna is het weer weg.

Maar je hebt ook structurele energievreters. En deze zijn belangrijk om goed in beeld te krijgen en aan te pakken, want ze kosten je vaak en lang veel energie. Misschien herken je er wel een paar:

Rommel en chaos

Als het een zooitje is in je huis en op je werkplek, dan gaat daar ongemerkt veel energie naar toe. De onrust om je heen zorgt steeds voor prikkels en het gevoel van “dat-moet-ik-óók-nog”. Zorgen voor een opgeruimde, georganiseerde omgeving kan je dus energie opleveren.

Negatieve gedachten

Als je de hele dag een stemmetje in je hoofd hebt dat alles afkeurt en vindt dat je dingen anders of beter moet doen, kost dat je veel energie. Het kan allemaal oude koeien uit de sloot halen of juist steeds bezig zijn met vooruit kijken. Kun je meer in het moment blijven en dat stemmetje uitschakelen? Bijvoorbeeld door jezelf steeds af te vragen: is dit wel waar? En heb ik hier iets aan of kost het alleen maar energie?

Negatieve mensen om je heen

Ook mensen kunnen energielekken zijn. Je kent vast wel zo iemand: als je er een gesprek mee hebt gevoerd, ben je daarna helemaal gesloopt. Omdat ze negatief zijn, te druk voor je zijn of veel van je willen. Je kunt dit natuurlijk niet altijd uit de weg gaan. Maar misschien kun je de momenten kort houden of alleen met zo iemand afspreken als je die dag niet veel belangrijks op de planning hebt.

Overal maar ja op zeggen

Geen grenzen aangeven kan ook een energievreter zijn. Want je doet én een hoop dingen die je eigenlijk niet wil én je hebt daardoor een overvolle planning, omdat je meer op je bordje hebt genomen dan je eigenlijk aankan. Verderop lees je een voorbeeld hoe je dit aan zou kunnen pakken.

Teveel prikkels

Ongemerkt kun je op een dag heel veel prikkels binnenkrijgen. Van beeldschermen, mensen om je heen, geluiden, licht en geuren. En het verwerken van deze prikkels kost je hersenen veel energie. Het kan dus slim zijn om hier eens op te letten en momenten in te plannen waarbij er zo min mogelijk prikkels om je heen zijn, zodat je weer kunt opladen.

Energievreters duidelijk krijgen

Je weet nu meer over mogelijke energievreters, maar het belangrijkst is natuurlijk welke voor jou van toepassing zijn. Waar verdwijnt jouw energie ongemerkt naartoe en hoe kun je hier iets aan doen?

Agenda

Start je dag eens met opschrijven hoe je je voelt. Heb je veel energie, zit je lekker in je vel en kijk je uit naar je dag? Daarna kun je, tijdens je dag, in je agenda een cijfer naast je taken en afspraken schrijven zodra je er klaar mee bent. Een 0 is geen energievreter en een 10 is een grooooot energielek. Aan het einde van je dag kun je kort opschrijven hoe je je voelt en met de verschillende cijfers die je door de dag op hebt geschreven krijg je een beeld van waar je energie naartoe is gegaan.

Maak een lijst

Je kunt ook een handig overzicht maken. Pak een pen en een leeg blaadje en verdeel het in 2 kolommen: energievreters en energiegevers. Ga er nu even voor zitten en schrijf onder elke kolom alles op wat er in je opkomt. Pas als je niks meer weet stop je.

Laat de lijst daarna een aantal dagen in je buurt liggen. Zodra je iets bedenkt wat er nog bij hoort, schrijf je het meteen op. Na een paar dagen heb je een lijst van alle energievreters en energiegever. Nu ga je kijken welke punten het hoogst op je lijst staan (de grootste energievreter en -gever) door alles wat je opgeschreven hebt een cijfer te geven. 0 is weer “kost geen energie” en 10 is “kost veel te veel energie”. En bij de energiegevers is 0 “levert geen energie op” en 10 “levert veel energie op”.

Pak nu een nieuw vel en maak weer de 2 kolommen. Schrijf je punten opnieuw op met de grootste energievreters en energiegevers bovenaan en werk zo naar beneden tot je bij de kleinste energievreters en energiegevers uitkomt.

Energielekken aanpakken

Nu je duidelijk hebt waar je energie van weglekt en waar je juist energie van krijgt, kun je je energielekken gaan aanpakken. Van je lijstje met de 2 kolommen kies je nu een van de bovenste energievreters (de grootste) om aan te pakken. Schrijf eens op wat je hieraan zou kunnen doen en hoe je dat deze week gaat toepassen. Een voorbeeld kan zijn:

Energielek:
Ik kan moeilijk nee zeggen en haal me daardoor vaak teveel werk op m’n nek en doe dingen waar ik eigenlijk geen zin in heb.

Oplossing:
Deze week ga een goede planning maken en me eraan houden. Als iemand me iets vraagt, zeg ik “ik kom er later even op terug”. Dan bedenk ik me rustig of het in m’n planning past en of ik het wil doen. Pas dan zeg ik volmondig ja op iets en anders is mijn antwoord nee.

Dit kun je ook doen met een van je grootste energiegevers. Kijk eens of deze wel vaak genoeg terugkomt in je dag of week. Hoe kun je hier meer tijd voor maken, zodat je je energie ook genoeg bijvult.

Van en-en naar of-of

Wat voor mij een goede stap was in het dichten van m’n energielekken, was om meer van en-en denken naar of-of denken te gaan. Omgaan met je energie, zeker als je die beperkt hebt, gaat vooral om keuzes maken. Dus niet een hele waslijst opschrijven met alle dingen die je volgens jezelf moet op een dag, maar kiezen “doe ik dit, of dat”. En daarbij steeds denken aan hoeveel tijd en energie elke taak kost op een dag. Hiervoor kun je ook de lepeltheorie gebruiken.

Ook kun je kijken of time blocking je hiermee kan helpen. Bij time blocking deel je je dag op in een aantal blokken die je reserveert voor bepaalde taken, maar ook voor rust en ontspanning.

Door bewuster met je energie en je to-do’s bezig te zijn, zul je zien dat je je energie zo optimaal mogelijk gaat gebruiken. Dan worden het marathons in plaats van steeds een sprint met een (energie)crash erachteraan. Dat is veel fijner toch?!

Heb je nog vragen over energievreters of slim plannen rond je energie, laat het me gerust weten!

Fijne dag!
groetjes Evelien

No Comments

    Leave a Reply